Home

De biodiversiteit op aarde is†steeds in verandering. Planten en dieren zien er anders uit dan hun voorlopers uit het geologische verleden. In de loop van de tijd zijn†ze†aangepast geraakt aan immer optredende veranderingen in hun leefomgeving.†Op hun beurt zijn die weer het gevolg van langetermijnprocessen als de verschuiving van de continenten en daardoor veroorzaakte veranderingen in het klimaat.

Omstandigheden blijven veranderen dus gaat de evolutie van het leven door. Ook de mens is onderdeel van dit natuurlijke evolutieproces, al kan hij zijn evolutiepad met zijn cultuur ook zelf sturen. Grote vraag is hoe de verandering van soorten precies in zijn werk gaat. De negentiende-eeuwse natuuronderzoeker Charles Darwin†formuleerde als eerste een natuurwetenschappelijke verklaring voor de 'motor van de biodiversiteit': het mechanisme waardoor soorten ontwikkelen tot nieuwe soorten. Darwin wist nog niet dat DNA (het geheel van erfelijke eigenschappen die opgeslagen zijn in de genen) in het evolutieproces een centrale rol speelt. Inmiddels hebben wetenschappers daar meer zicht op gekregen en Darwins verklaring van evolutie kunnen verfijnen.